Voederbomen kunnen bijdragen aan diergezondheid

Voederbomen_sameninkuilenVeel bomen bevatten secundaire plantenstoffen, stoffen die de boom kleur en geur geven. En die stoffen kunnen een positief effect hebben op de vertering en de gezondheid van herkauwers. Dat meldt vakblad V-focus. In het Praktijknetwerk Voederbomen en Functioneel Landgebruik is de inpasbaarheid van voederbomen op melkveebedrijven getest.

De meeste bladsoorten van bomen hebben net als gras een eiwitgehalte van 150-200 gram per kg drogestof. Boombladeren zijn ook interessant als bron van mineralen en sporenelementen, bijvoorbeeld koper en selenium.  Ook bevatten bomen en struiken secundaire plantenstoffen die ze beschermen tegen ziektes en vraat.  Deze stoffen kunnen bijdragen aan de diergezondheid. Een van de meest voor­komende plantenstoffen in bomen zijn looistoffen. Looistoffen maken het eiwit bestendiger waardoor de vertering van eiwitten wordt verlegd van de pens naar de lebmaag, wat gunstig kan zijn voor de eiwit­benutting.

Net als gras en mais kunnen voederbomen in een monocultuur worden geteeld. Diergaarde Blijdorp heeft een dergelijk systeem ontwikkeld met wilgen om voer te winnen voor de beesten in de dierentuin. In dit systeem wordt nu gewerkt met griend­wilgen, maar mogelijk kan met veredeling de blad-stengel­verhouding verhoogd worden.

Het Louis Bolk Instituut gaat in de brochure ‘Voederbomen in de landbouw’ onder andere in op ontwerp, aanplant, beheer, oogst, conservering en vervoedering van voederbomen. (Foto: Louis Bolk Instituut)

Deel dit bericht via:
Facebook Twitter LinkedIn Email
Door: Jasper Lentz
Mis geen artikel. Ontvang de tweewekelijkse nieuwsbrief.
E-mail: