Medicijnresidu en water

Een hoogheemraad van een waterschap wenste mij te spreken. Wegens onjuiste berichtgeving, zo luidde het argument. Ik zag dat gesprek ook wel zitten, want naar mijn mening hanteert dat schap onhaalbare doelen. Dat kan zo zijn, was het antwoord, maar onze prioriteit ligt bij de aanpak van al dat gif dat de landbouw in het water dumpt. Gif? Ja, de landbouw noemt het zelf beschermingsmiddelen, maar wij noemen dat gif.

Residuen van bestrijdingsmiddelen en diergeneesmiddelen moeten uit het water. Dat zal een speerpunt worden in de komende jaren. Onderzoeksbureau CLM is onlangs begonnen met het kwantificeren en kwalificeren van de milieuproblematiek die door residuen van diergeneesmiddelen wordt veroorzaakt. Dit in opdracht van onder meer een aantal waterschappen. ‘De risico’s van diergeneesmiddelen voor het water zijn tot nu toe onderbelicht. Dit in tegenstelling tot de risico’s van humane geneesmiddelen op de waterkwaliteit’, zo schrijft het CLM. Het CLM heeft daarin gelijk, de hoeveelheid en risico’s van humane geneesmiddelen zijn al jaren redelijk in beeld. Gemiddeld ‘loost’ één persoon 3 gram geneesmiddelresidu per jaar op het riool. Zuiveringsinstallaties weten daarvan 2 gram uit te filteren, waardoor 1 gram in het oppervlaktewater terecht komt. Dat is best veel. Hieronder zitten ook hoogrisico-middelen als metoprofol, oxazepam, metformine, solatol en nog een aantal stoffen.

Als ik bij het waterschap de humane watervervuiling aankaart, komen de kosten om de hoek. Een hoger zuiveringsrendement is zeer gewenst, weet ook het waterschap, maar kost ook zeer veel geld. Dan zal de zuiveringsheffing omhoog moeten, maar er zitten grenzen aan het bedrag dat je van burgers mag vragen. Ben benieuwd of dergelijke argumenten straks ook aangevoerd worden voor veehouders.

Deel dit bericht via:
Facebook Twitter LinkedIn Email
Mis geen artikel. Ontvang de tweewekelijkse nieuwsbrief.
E-mail: