Douche hygiënesluis kan besmettingsbron legionella zijn

De douches in hygiënesluizen op varkens- en pluimveestallen kunnen een risico vormen voor de bezoekers die gebruik maken van de douches: zij kunnen er een legionella-infectie (veteranenziekte) oplopen, zeker wanneer de douches slechts incidenteel worden gebruikt. Pluimvee- en varkensbedrijven vallen buiten de specifieke legionellawetgeving, maar voor hen geldt wel een zorgplicht voor ‘deugdelijk leidingwater’.

Bezoekers die douchen op een pluimvee- of varkensbedrijf lopen het risico besmet te raken met legionella wanneer de beheersing van deze bacterie onvoldoende is. Als een bezoeker besmet raakt met de legionellabacterie via een douche op een pluimvee- of varkensbedrijf en de veehouder kan niet aantonen dat hij maatregelen heeft genomen om de besmetting te voorkomen (zorgplicht), kan hij aansprakelijk worden gesteld voor de ziekte van de bezoekers. De veehouder is immers verantwoordelijk (en dus aansprakelijk) voor de waterkwaliteit van de leidingen vanaf de hoofdkraan tot en met de tappunten zoals een douche.

Door te voldoen aan de zorgplicht om legionellabesmetting te voorkomen, kunnen pluimvee- en varkenshouders de kans op aansprakelijkheidsstelling door een bezoeker die ziek is geworden verkleinen. Bij aansprakelijkheidsstelling zal namelijk de eerste vraag van de controlerende instantie (Arbeidsinspectie en of GGD) zijn hoe de veehouder besmetting heeft proberen te voorkomen.

De zorgplicht is vrij invulbaar, vertelt Henk Peelen van drinkwateradviesbureau Hydroscope. De zorgplicht kan volgens hem door een pluimvee- of varkenshouder worden ingevuld door aan te kunnen tonen dat:

  • de douches zijn aangesloten op de drinkwaterleiding en niet op een bronwaterbron;
  • er geen dode leidingen worden gebruikt;
  • de douche elke week wordt gebruikt;
  • alle leidingdelen die nabij de douche zijn aangesloten elke week worden gebruikt.

Als basis moet iedere drinkwaterleiding voldoen aan NEN1006.

Daarnaast zou de veehouder eenmaal per jaar de koud- en warmwatertemperatuur moeten controleren. Dit staat aangegeven in de richtlijn voor het beheren van een drinkwaterinstallatie (ISSO 55.5). Het nemen van watermonsters en deze op een geaccrediteerd laboratorium laten onderzoeken op legionella is verstandig als er twijfels zijn of de watertemperaturen goed zijn.

De aanwezigheid van legionellabacteriën in waterleidingen is nooit helemaal te voorkomen, weet Peelen. Wel zijn hoge aantallen bacteriën tegen te gaan, in de eerste plaats door de waterleidingen goed aan te leggen en de boiler of combiketel juist in te stellen (minstens 60 graden). Hiervoor kan de hulp worden ingeroepen van een adviesbureau. Ziekmakende legionellabacteriën kunnen zich bij een temperatuur vanaf 25 graden vermeerderen;bij temperaturen van meer dan 60 graden worden de bacteriën gedood.

Ernstige longontsteking

De legionellabacterie kan ernstige longontsteking (veteranenziekte) veroorzaken. Besmetting vindt plaats via de longen. Aangenomen wordt dat de infectie overgebracht wordt door het inademen van de bacterie in zeer kleine druppeltjes water, verspreid in de lucht (nevel). De ziekte kan niet van de ene mens op de andere worden overgedragen en is dus niet besmettelijk. Het drinken van water vormt geen risico.

Volgens het RIVM zijn er jaarlijks rond de 300 meldingen van patiënten die een legionella-longontsteking hebben opgelopen. In Nederland overlijdt circa 2 tot 10 procent van de patiënten met een legionella-longontsteking.

Foto: Pixabay

Deel dit bericht via:
Facebook Twitter LinkedIn Email
Door: Redactie
Mis geen artikel. Ontvang de tweewekelijkse nieuwsbrief.
E-mail: