Ziekenhuis vriendelijker voor patiënt met v-MRSA

De ziekenhuizen in onder meer Tilburg, Den Bosch en Uden wijken af van de landelijke MRSA-richtlijn, waardoor patiënten die veegerelateerde MRSA bij zich dragen daar veelal niet meer in strikte isolatie hoeven bij opname. Deskundigen infectiepreventie spelen een belangrijke rol bij de ontwikkeling en uitvoering van een patiëntvriendelijker beleid.

In de landelijke richtlijn die ziekenhuizen adviseert hoe om te gaan met het risico van MRSA, opgesteld door de Werkgroep Infectie Preventie (WIP), staat onder meer dat positief bevonden patiënten in ‘strikte isolatie’ verpleegd moeten worden om verspreiding van de bacterie te voorkomen. Strikte isolatie betekent onder andere dat de patiënt wordt verpleegd op een isolatiekamer waarvan de deur dicht moet blijven. Ziekenhuismedewerkers en bezoekers komen via een hygiënesluis de kamer binnen en dienen een mondneusmasker op te doen en beschermende kleding aan te trekken. Deze aparte behandeling wordt als onprettig, stigmatiserend en soms zelfs traumatisch ervaren door patiënten. De ziekenhuizen in Den Bosch, Uden en Tilburg wijken daarom bewust af van de landelijke richtlijn. Het gaat hierbij alleen om het beleid voor patiënten met veegerelateerde MRSA (v-MRSA). v-MRSA is op een groot aantal bedrijven met varkens, vleeskalveren en vleeskuikens aanwezig (zie kader) en kan via huidcontact en/of fijnstof in de stal worden overgedragen op mensen.

Vóór opname vrij maken van MRSA

Het Tilburgse Elisabeth-Twee Steden Ziekenhuis (ETZ) behandelt sinds ongeveer twee jaar patiënten met veegerelateerde MRSA (v-MRSA) vóór een geplande opname. Als de v-MRSA alleen in de neus wordt gevonden, bestaat de behandeling uit het gebruik van neuszalf (mupiricine) en Betadineshampoo gedurende zeven dagen. De behandeling wordt aangevuld met antibiotica als de v-MRSA ook is aangetoond in de keel en/of het perineum. De (antibiotica)behandeling kan gewoon thuis plaatsvinden. Als de behandeling succesvol is, hoeven deze patiënten niet geïsoleerd te worden verpleegd. “Ze kunnen dan net als alle andere patiënten worden opgenomen”, vertelt deskundige infectiepreventie Bregt de Hair van het ETZ. Het v-MRSA-vrij maken van patiënten lukt in 99 procent van de gevallen, zegt Angela Rutten, ook deskundige infectiepreventie in het ziekenhuis in Tilburg.

Het waarom uitleggen aan de patiënt

Mensen die drager zijn van v-MRSA en moeten worden opgenomen in het ETZ, worden begeleid door De Hair en Rutten. “We leggen onder andere het waarom van een behandeling voor MRSA uit: dat we daarmee het risico op een infectie met MRSA willen minimaliseren en het verblijf in het ziekenhuis minder belastend kunnen maken”, aldus De Hair. “Daarnaast beantwoorden we de vragen van patiënten over MRSA. Maar iedereen mag contact met ons opnemen als ze vragen hebben. Niet alleen positieve mensen of mensen met een risicofactor voor MRSA”, vult Rutten aan.
Dierenartsen op varkens-, vleeskalver- en vleeskuikenbedrijven kunnen ook met vragen terecht bij de deskundigen infectiepreventie. De Hair: “Ze hebben zelf een verhoogde kans op v-MRSA, zitten in hetzelfde schuitje als de veehouders. Maar ze zijn ook vertrouwenspersonen van de veehouders. Daarom vinden wij het erg belangrijk dat dierenartsen goed op de hoogte zijn van hoe het ziekenhuis omgaat met (vermoedelijke) dragers van v-MRSA.”

Den Bosch en Uden

Ook in het Jeroen Bosch Ziekenhuis (JBZ) in Den Bosch en het ziekenhuis Bernhoven in Uden zijn deskundigen infectiepreventie werkzaam met wie patiënten die in isolatie worden verpleegd en behoefte hebben aan informatie of een gesprek, contact kunnen opnemen.
Het JBZ en Bernhoven gaan ook soepeler om met v-MRSA-dragers, maar op een andere manier dan het ziekenhuis in Tilburg. Het beleid voor v-MRSA in het JBZ en Bernhoven is versoepeld van strikte isolatie naar contactisolatie. Contactisolatie betekent: patiënten met v-MRSA of risico op v-MRSA worden verpleegd op een eenpersoons-kamer; de deur van de kamer mag open blijven; de ziekenhuismedewerkers die de patiënt verzorgen dragen een schort en handschoenen, maar geen mondneusmasker en muts.
De versoepeling werd in 2016 het standaardprotocol toen uit onderzoek door deskundige infectiepreventie Jamie Meekelenkamp bleek dat er in twee jaar tijd geen verspreiding had plaatsgevonden van v-MRSA van patiënten (n=41) naar medewerkers (n=501) als de patiënt in contactisolatie werd verpleegd.
Meekelenkamp en haar collega’s zijn blij met de versoepelde isolatiemaatregelen. “De zorg is hiermee patiëntvriendelijker geworden en de werkdruk van verpleegkundigen is verlaagd. Daarnaast zorgt het nieuwe protocol voor minder kosten voor het ziekenhuis.”

Verschillen blijven

Niet alleen de ziekenhuizen in Tilburg, Den Bosch en Uden werken aan een soepeler protocol voor v-MRSA-dragers, ook andere ziekenhuizen, met name die in veedichte gebieden, zijn ermee bezig, weet Jamie Meekelenkamp. Maar er zijn en blijven vooralsnog verschillen tussen ziekenhuizen, want de v-MRSA-situatie verschilt per ziekenhuis en vooral ook per regio. Een ziekenhuis dat slechts een enkele keer per jaar een patiënt met v-MRSA opneemt, zal geen specifiek protocol opstellen. Daar komt bij dat ziekenhuizen die maatregelen tegen verspreiding van een multiresistentie bacterie versoepelen, eigenlijk tegen de stroom oproeien, want resistentieontwikkeling is een wereldwijd groeiend gezondheidsprobleem. Of de landelijke WIP-richtlijn door het project in Den Bosch en Uden zal worden aangepast, is daarom nog niet bekend. Wel worden door het RIVM landelijke data verzameld over welke MRSA-typen in welke regio’s worden gevonden en of daar veranderingen in zijn. Dat geeft ziekenhuizen de mogelijkheid om scherp te blijven op hun beleid.

Het volledige artikel ‘Ziekenhuis vriendelijker voor patiënt met v-MRSA’ staat in vakblad Veearts van december 2016.

Foto: Wikimedia

Deel dit bericht via:
Facebook Twitter LinkedIn Email
Door: Redactie
Mis geen artikel. Ontvang de tweewekelijkse nieuwsbrief.
E-mail: