Kalveropfok: ‘Alles draait om structuur’

De Blauwdruk Kalveropfok staat op het punt landelijk te worden uitgerold onder veehouders, dierenartsen, voervoorlichters en andere agrarisch adviseurs. De tool geeft op een gestructureerde manier inzicht in de bedrijfsvoering rondom de kalveropfok en biedt daarmee handvatten om die te optimaliseren.

Door Wilma Wolters, gepubliceerd in vakblad Veehouder en Veearts.

HAS Hogeschool, Vetvice, FrieslandCampina Nutrifeed, MSD Animal Health, VDK products en Agrifirm hebben drie jaar samengewerkt aan de Blauwdruk Kalveropfok. Bert van Niejenhuis, verbonden aan Vetvice en dierenarts bij Dierenartsenpraktijk West-Betuwe, is er nauw bij betrokken. “Er is nooit discussie geweest over de inhoud van de blauwdruk”, weet hij. “Wat er in staat vinden we allemaal belangrijk en is breedgedragen.” De blauwdruk is erg uitgebreid, maar bevat geen nieuwe kennis. “Veel uit de blauwdruk is bij veehouders wel bekend. Maar er bestaat een kloof tussen theorie en praktijk”, aldus Van Niejenhuis. “De blauwdruk is een perfect hulpmiddel om de aanwezige kennis ook in de praktijk toe te passen. Veelal denken veehouders dat ze tijd, geld en materialen tekort komen om de opfok te optimaliseren. Maar ik weet zeker dat een aanpak volgens deze blauwdruk hen juist tijd oplevert. En natuurlijk betere kalveren, wat uiteindelijk ook geld opbrengt.”

Structuur en de 3 r’s

De crux daartoe, en waar alles in de blauwdruk om draait, is structuur. “De bedrijven waar de opfok het lekkerst loopt, hebben de beste structuur te pakken. Die zijn heel consequent en strak en hebben de 3 r’s – rust, reinheid, regelmaat – hoog in het vaandel staan”, ziet de dierenarts. Zeker bij gevoelige dieren als jonge kalveren is structuur belangrijk. Een veehouder ontwikkelt een eigen routine in zijn dagelijkse werkzaamheden, en soms ook verslapt de aandacht voor een bepaald onderdeel. Van Niejenhuis: “Dat zie je bijvoorbeeld als een veehouder stopt met vaccineren als er geen kalverdiarree meer wordt gezien, en dat daar vervolgens toch weer diarreeproblemen de kop opsteken.”

In de blauwdruk wordt ook vaak gesproken over protocollen, om diezelfde reden: ze bieden structuur. Op grotere bedrijven wordt al vaak met protocollen gewerkt, op de kleinere zitten de protocollen vaak in het hoofd van de veehouder. Van Niejenhuis adviseert veehouders om ze toch op te schrijven. “Zo dwing je jezelf ook nog weer eens om erover na te denken. En het kan nuttig zijn bij bijvoorbeeld ziekte.”
Om structuur aan te brengen in de werkzaamheden rondom kalveropfok, adviseert de dierenarts een dag-, week- en maandplanning te maken. De illustratie op de volgende pagina geeft een idee.

In de praktijk

Een aantal van ‘zijn’ veehouders heeft naar aanleiding van de blauwdruk al zaken aangepast. Van Niejenhuis: “Vaak draait het om hygiëne. Zo heeft een van hen nieuwe emmers gekocht toen uit tests bleek dat oude emmers beduidend meer bacteriegroei vertoonden. Een ander reinigt nu de spenen van de speenemmers dagelijks, een derde heeft de ventilatie aangepakt en een vierde investeerde in extra eenlingboxen.”
De dierenarts merkt dat de blauwdruk deze veehouders vooral bewustwording bracht. “Met een van hen bekeek ik de biestopslag. Biest hoort natuurlijk zo snel mogelijk in een schone emmer met een deksel erop zodat er geen mest in komt, en dan in de koelkast. Maar dat gebeurde op dit bedrijf niet. De veehouder reageerde: ik zie het, maar heb me nooit bewust gerealiseerd dat het een gevaar is.”

Er zijn zaken die Van Niejenhuis extra belangrijk vindt. Ook die omvatten met name hygiëne. Zo verbaast hij zich er weleens over hoe weinig veehouders een voerkeuken hebben. “In de eerste veertien dagen na afkalven ontstaan de meeste problemen. Met zo’n voerkeuken richt je je proces anders in, gestructureerder. Dus maak die gewoon”, adviseert hij. “Maak het jezelf daarbij gemakkelijk en plaats de voerkeuken dicht bij de kalveren. De ruimte kan meer functies hebben zoals het schoonmaken van spullen, het klaarmaken van poedermelk en de opslag van enkele spullen. Je hebt minimaal een aanrechtblad nodig, stromend water met thermostatische kraan, weegschaal, een koelkast en een rekje om de spenen en emmers te laten drogen.”

Iets anders: je kunt gemakkelijk berekenen hoeveel eenlingboxen je nodig hebt. “Zorg dat je over 25 procent meer eenlinghokjes beschikt dan je in piekperioden nodig hebt”, vindt de dierenarts. “Dan kunnen ze even leegstaan voordat er nieuwe kalveren in komen en dat reduceert de kans op ziekteverspreiding enorm.”

Ventilatie is ook een belangrijk punt. “Soms gaat het nog meer om de bewustwording van hoe belangrijk ventilatie is dan om het niet-weten hoe goede ventilatie en huisvesting eruitziet. Dat is eigenlijk eenvoudig: een droog ligbed en frisse lucht.”

Tot slot zou Van Niejenhuis graag meer zien dat veehouders doelen stellen. Bijvoorbeeld dat ze willen dat een vaars op 24 maanden afkalft. “Bepaal dan hoe zwaar een pink moet zijn op 14 maanden (bij het insemineren), en hoe zwaar het kalf moet zijn op 6 maanden leeftijd en als het wordt gespeend. Weeg de dieren vervolgens ook, dan weet je of het gaat lukken of dat je bij moet sturen.” Daarbij hoort een goede registratie van zieke dieren, zodat je daar ook op kunt anticiperen.

Uitrollen

De blauwdruk is klaar en moet nu bekendheid krijgen bij veehouders en adviseurs. Van Niejenhuis hoopt dat de blauwdruk er in app-vorm komt. “Dat maakt hem volgens mij aantrekkelijker om mee te werken in de stal dan enkel een papieren versie.”
De blauwdruk leert vooral structuur aan te brengen in de kalveropfok. “En als het goed is, levert dat tijd op”, zegt Van Niejenhuis. “De blauwdruk spiegelt je. En overal gaat het weleens mis. Maar met de blauwdruk weet je de lijn naar boven dan weer op te pakken. Maar”, wil Van Niejenhuis benadrukken, “de blauwdruk is zeker niet bedoeld om alleen aan te geven waar het fout gaat. Als de opfok goed loopt, is het ook goed om daar even bewust bij stil te staan en van te genieten. Een kalf dat door het strohok springt, is toch het mooiste wat er is?”

Deel dit bericht via:
Facebook Twitter LinkedIn Email
Door: Jasper Lentz
Mis geen artikel. Ontvang de tweewekelijkse nieuwsbrief.
E-mail: