Makkelijk weiden met Nieuw Nederlands Weiden

Met Nieuw Nederlands Weiden (NNW) wordt weiden makkelijk voor de veehouder. En de koe heeft er eveneens baat bij. Dat vertelt dierenarts Erwin de Heer.

Gepubliceerd in vakblad Veehouder en Veearts, door Sandra Wilgenhof.

Nederland staat bekend als een land waar de koeien in de wei staan. Naast dat weiden goed is voor het imago van de melkveehouderij heeft het ook voordelen voor de diergezondheid. Toch zijn er veehouders die hun koeien het jaar rond op stal houden. Zij doen dat omdat de huiskavel niet groot genoeg of geschikt is voor weiden of omdat ze dan meer controle hebben over wat de koeien binnenkrijgen. Bij een uitgebalanceerd rantsoen op stal geven de koeien goed melk en heeft de veehouder veel grip op de diergezondheid. De dieren binnenhouden scheelt ook werk, want weiden kan best veel arbeid met zich meebrengen. Bij stripgrazen bijvoorbeeld moet je elke dag de draad verzetten en groeitrappen aanleggen.

Simpel systeem

Om weiden voor alle melkveehouders toegankelijk te maken, heeft Stichting Weidegang het Nieuw Nederlands Weiden (NNW) bedacht. Nieuw Nederlands Weiden is bedoeld voor het peloton, het merendeel van de melkveehouders. Elke melkveehouder met een geschikte huiskavel kan met dit systeem beginnen met weiden of meer halen uit weidegang zonder dat het veel tijd kost. “Nieuw Nederlands Weiden is een dusdanig simpel systeem dat je het eigenlijk alleen maar hoeft uit te voeren. Het vraagt minder vakmanschap dan de andere weidesystemen“, vertelt dierenarts Erwin de Heer. Bij Nieuw Nederlands Weiden krijgen de koeien elke dag een nieuw perceel en ‘draai je rondjes’ van ongeveer een week. Dat maakt het systeem zo simpel. De Heer: “Als je de verdeling van de percelen goed hebt doordacht en je de logistiek (kavelpaden, waterbakken en stroomdraad) hier goed op aansluit, is het alleen nog maar een kwestie van doen.” 
Hoe de percelen moeten worden ingedeeld, verschilt per bedrijf en hangt af van hoe het grasland verkaveld is en hoe groot het koppel koeien dat de wei ingaat. Met behulp van de rekentool die beschikbaar is op de website van Wageningen UR kun je als melkveehouder zelf berekenen hoe groot je weidepercelen voor NNW moeten worden. Maar hiervoor kun je ook een weidecoach als adviseur in de arm nemen. Die helpt dan met het berekenen van de optimale perceelsgrootte, maar denkt ook mee over de indeling van je huiskavel en over het aantal percelen dat je opneemt in je ‘weideplatform’.

“Het grote voordeel van Nieuw Nederlands Weiden is dat de koeien elke dag gras van dezelfde kwaliteit krijgen”, zegt dierenarts De Heer. “Bij het inscharen van de koeien op 12 cm graslengte en uitscharen op 8 cm, vreten ze voornamelijk het etgroen van de grasplant. In etgroen is de balans tussen eiwit en suiker goed. Dat is belangrijk, want het zorgt voor een stabiele penswerking, en een gezonde pens is een gezonde koe.”
Door een stabiele graskwaliteit en een stabiele grasopname door de koeien, is het weidesysteem heel herhaalbaar. Bijsturen op stal is alleen nodig als de koeien meer of minder dan 8 cm laten staan in de wei. Laten ze meer dan 8 cm staan, dan kan de bijvoeding op stal procentueel naar beneden. Laten ze minder dan 8 cm staan, dan kun je op stal meer bijvoeren of je neemt een extra perceel op in je weideplatform. De Heer: “Veel boeren die Nieuw Nederlands Weiden toepassen, beginnen in het voorjaar met zeven weidepercelen, maar in de zomer groeit het gras minder snel. Dan kiezen zij ervoor om negen percelen te gebruiken voor het weiden. Hierdoor hebben de percelen twee dagen extra om de gewenste graslengte van 12 cm bij inscharen te bereiken.” 
Nieuw Nederlands Weiden kan worden toegepast tot een intensiteit van tien koeien per hectare. Bij een hogere intensiteit is het enige verschil dat de koeien iets minder lang op een perceel kunnen staan en meer op stal moeten worden bijgevoerd.

Koeien leren weiden

Weiden is een integraal onderdeel van de bedrijfsstrategie. “Het is niet simpelweg de staldeuren openzetten”, aldus De Heer. “Koeien leren weiden begint al bij de opfok.” Vanwege het fosfaatstelsel hebben sommige melkveehouders de keuze gemaakt om de jongveeopfok uit te besteden. Niet elke jongveeopfokker kan weidegang voor deze dieren realiseren. Dit betekent echter dat als die vaarzen meegaan in de wei, ze minder gras vreten en daarmee drogestof mislopen. Terwijl voldoende drogestofopname voor verse koeien juist zo belangrijk is. Te snel omschakelen naar veel weidegras in het rantsoen kan ook problemen opleveren. “We zien in het voorjaar regelmatig lebmaagdraaiingen en -verplaatsingen. Vaak gebeurt dat vijf tot zes weken nadat de koeien voor het eerst de weide op zijn gegaan. Bij sommige bedrijven gaat een snelle overgang van stal naar weidegang vlekkeloos, bij andere levert het meer problemen op”, weet De Heer uit ervaring te vertellen. Hij adviseert melkveehouders om de overgang naar weidegang geleidelijk aan te pakken. “Het is net als bij het wisselen van graskuil: de koeien hebben één tot twee weken nodig om te wennen aan een nieuw rantsoen.” Houd er bij de aankoop van krachtvoer ook rekening mee dat je eiwit uit gras gaat voeren. Want gras, en zeker voorjaarsgras, is een heel goede bron van darmverteerbaar eiwit dat goed opneembaar is voor de koe. Ook kan er in het voorjaar veel ruw eiwit in het gras zitten. De Heer: “Als er 160 gram ruw eiwit in het gras zit, hoef je eigenlijk geen brok meer te verstrekken en kun je daar heel mooi op besparen. Voorkom dat je eiwit gaat stapelen en een hoog ureum krijgt, want een hoog ureum is nadelig voor onder andere de weerstand van de koeien.” 
De Heer geeft als tip mee om altijd wat krachtvoer, soja of balen kuil van dezelfde kwaliteit als weidegras achter te houden. “Moet je door hitte de koeien een tijdje binnenhouden, dan heb je een eiwitbron als back-up klaarliggen.”

Weiden als middel, niet als doel

Een gezonde koe krijg je door de voeropname op peil en de pens stabiel te houden. “Hiervoor moet weiden een middel zijn en niet het doel”, vindt De Heer. Hij is het dan ook niet eens met de stelling dat weiden per definitie beter is voor het dierenwelzijn, “De klimaatverandering is eigenlijk niet meer te ontkennen en daar zullen veehouders met hun beweidingsplan ook rekening mee moeten houden. Als de koeien met extreme hitte in de wei staan en niks meer opnemen, is dat niet mijn definitie van dierenwelzijn. Ook komt de melkproductie hierdoor in het geding en dat wil je als boer natuurlijk ook niet.” Volgens De Heer is het verstandig om op tijd in het voorjaar te starten met de weidegang. “Als je na 1 mei nog niet bent begonnen met weiden, is het al september voordat je de 120 dagen (voor de weidepremie van FrieslandCampina, red.) te pakken hebt. Vallen er door extreme hitte of een nat najaar een aantal weidedagen weg, dan moet je om die 120 dagen te halen soms de koeien naar buiten doen, terwijl dat eigenlijk niet verantwoord is.”

Maar aan weidegang zitten natuurlijk ook echt voordelen. De Heer: “De koeien kunnen in de wei veel beter natuurlijk kuddegedrag vertonen doordat ze meer ruimte hebben en niet worden gehinderd door bijvoorbeeld ligboxen. Daarnaast krijgen de dieren meer beweging en is de ondergrond van de wei veel zachter en veerkrachtiger dan in de stal.”

Deel dit bericht via:
Facebook Twitter LinkedIn Email
Door: Redactie
Mis geen artikel. Ontvang de tweewekelijkse nieuwsbrief.
E-mail: