Neospora vooral familieprobleem

Neospora is een van de belangrijkste veroorzakers van verwerpen bij melkkoeien. De hond speelt een rol in de cyclus van de Neospora-parasiet, maar is zeker niet de belangrijkste oorzaak van besmetting van runderen. Neospora komt vooral voor in bepaalde koefamilies op een melkveebedrijf. Met goed fokbeleid kan elke melkveehouder Neospora bestrijden.

Door Sandra Wilgenhof in vakblad Veehouder en Veearts.

De parasiet Neospora caninum werd in de jaren tachtig ontdekt als besmettelijke veroorzaker van verwerpen bij runderen. Een koe die vóór haar eigen geboorte besmet raakt met Neospora, verwerpt twee tot drie keer meer dan een gezonde koe. Maar er kan ook een abortusstorm optreden waarbij abortuspercentages van 20 tot 25 procent voorkomen. Abortusstormen veroorzaakt door Neospora komen in Nederland gelukkig niet vaak meer voor. Maar dat betekent niet dat Nederland Neospora-vrij is. Neospora-specialist Thomas Dijkstra van GD geeft aan dat 80 procent van de Nederlandse melkveebedrijven besmet is. 10 procent van alle melkkoeien in Nederland heeft afweerstoffen tegen de parasiet. Neospora aanpakken kan het best door bloedonderzoek en het aanpassen van het fokbeleid. Een vaccin of medicijn tegen de parasiet bestaan niet.

Overdracht van koe op kalf

Neospora heeft zowel een verticale als horizontale overdracht. De verticale overdracht gaat van moeder op dochter. Als de moederkoe besmet is met Neospora geeft ze dit in de baarmoeder door aan haar kalf. Een besmet kalf lijkt gezond en heeft meestal geen ziekteverschijnselen. De kans dat ze als koe zelf aborteert is 6 tot 9 procent. Dit sluimerende ziektebeeld van Neospora maakt het lastig om besmette koeien te vinden. Op een bedrijf met honderd melkkoeien waarvan 10 procent besmet is, aborteert er gemiddeld één per jaar door Neospora. Dit zorgt ervoor dat veel veehouders niet doorhebben dat de dieren lijden aan een Neospora-besmetting. Thomas Dijkstra zegt vaak: “Een Neospora-besmetting is als een druppelende kraan. Het lijkt niet ernstig, maar al die druppels bij elkaar zorgen toch voor een flinke kostenpost”.

De hond en Neospora

Bij de ontdekking van Neospora als oorzaak van abortus bij melkkoeien, werden bij honden zenuwverschijnselen, huidafwijkingen, diarree en longproblemen vastgesteld. Uit tests bleek dat honden ook de Neospora-parasiet bij zich kunnen dragen en een rol kunnen spelen bij de overdracht van de parasiet op melkkoeien; dit wordt horizontale overdracht genoemd. Als een Neospora-koe kalft of aborteert bevat de nageboorte, het vruchtwater of de verworpen vrucht de Neospora-parasiet. Als een hond dit opneemt raakt hij besmet met Neospora. Anders dan bij de koe vindt er in het maag-darmkanaal van de hond geslachtelijke vermeerdering plaats van de parasiet. Na besmetting verspreidt de hond twee tot drie weken lang eitjes van de parasiet via de ontlasting. Als koeien deze eitjes opnemen via voer of water raken ze besmet met Neospora. Als dit gebeurt, ontstaat er vaak een abortusstorm doordat veel koeien tegelijk besmet worden. Een abortusstorm kan dus ontstaan als een hond besmet materiaal van een koe opneemt. Ontstaat er een abortusstorm, dan is de kans groot dat er al een koe aanwezig is op het bedrijf die verticaal besmet is met Neospora. Het is belangrijk om de boerderijhond goed in de gaten te houden. Een hond kan namelijk niet immuun worden voor Neospora en zal bij een nieuwe besmetting weer eitjes gaan uitscheiden. Voorkomen dat de hond besmet raakt met Neospora of de parasiet gaat verspreiden is relatief simpel. Leer hem af om in de afkalfstal te komen en straf hem als hij de nageboorte of ander mogelijk besmet materiaal wil opeten. Daarnaast is voorkoming van verspreiding via de hond belangrijk. Laat hem niet poepen bij voer of in de buurt van drinkwater voor de koeien. Neospora-eitjes kunnen een jaar overleven, dus ook de kuilen moeten vrij blijven van ontlasting. Een tip van Dijkstra: “Als u een nieuwe hond wilt op uw boerderij, neem deze dan pas als de oude hond er niet meer is. U wilt namelijk zelf de hond aanleren waar hij wel en niet mag komen of zijn ontlasting doet. Als de oude hond nog aanwezig is, neemt de nieuwe veel van zijn gewoontes over; dit maakt het voor u een stuk lastiger.”

Focus op de verticale overdracht

De meest voorkomende besmettingsroute is het doorgeven van Neospora van moederkoe op kalf. Dit maakt Neospora een familieprobleem. Heeft een bepaalde foklijn meer abortussen dan een andere, dan is het goed om deze lijn te checken op Neospora. Bloedonderzoek stelt vast of een koe besmet is met Neospora. De koeien die besmet zijn met Neospora hoeven niet opgeruimd te worden. Houd de kalveren van deze koeien echter niet aan, want zij geven op hun beurt Neospora weer door en zo kan de besmetting groeien. Kalveren uit een Neospora-koe mogen op dezelfde manier als andere kalveren worden afgevoerd. De parasiet is namelijk ongevaarlijk voor de volksgezondheid en het Neospora-kalf kan geen andere kalveren besmetten.

Tankmelkonderzoek

Een andere manier om te ontdekken of er Neospora aanwezig is op een melkveebedrijf is tankmelkonderzoek. “Worden er in de tankmelk Neospora-afweerstoffen aangetoond, dan is meestal 15 procent of meer van de veestapel besmet met de parasiet.” Bij een volgende verwerper volgt bloedonderzoek om erachter te komen of deze besmet is met Neospora. Volgens Dijkstra hoef je niet gelijk het hele koppel te gaan onderzoeken op Neospora. “Een koppel ga je pas onderzoeken als bewezen is dat Neospora de oorzaak is van het verwerpersprobleem. Veehouders ervaren Neospora op dit moment niet als een groot probleem, maar toch is het belangrijk om verwerpers op Neospora te onderzoeken. Besmette dieren kunnen via de verwerpers gemakkelijk worden opgespoord. Een mogelijk besmette familielijn is dan makkelijk in beeld te brengen. Elk jaar een verwerper is op de lange termijn een flinke schadepost.”

Deel dit bericht via:
Facebook Twitter LinkedIn Email
Door: Redactie
Mis geen artikel. Ontvang de tweewekelijkse nieuwsbrief.
E-mail: