Weinig residuen van diergeneesmiddelen in dieren

In dieren en dierlijke producten worden maar weinig residuen van diergeneesmiddelen gevonden. Dat staat in een nieuw rapport van het Europese bureau voor voedselveiligheid, de EFSA.

In voedselproducerende dieren die worden behandeld met diergeneesmiddelen en in het voedsel dat ze produceren, kunnen residuen achterblijven van diergeneesmiddelen waarmee ze zijn behandeld. Ook kunnen dieren worden blootgesteld aan chemische stoffen, bijvoorbeeld pesticiden op gewassen die dienen als veevoer, waarvan vervolgens residuen in het voedsel terecht kunnen komen. Voor die residuen gelden Europese maximumwaarden. Landen in de Europese Unie moeten onderzoek doen om te controleren of die maximumwaarden niet worden overschreden, in bijvoorbeeld runderen, schapen en geiten en producten als melk, gevogelte, eieren, maar ook honing. In 2018 werden in totaal 657.818 monsters gecontroleerd door 28 EU-lidstaten. De monsters werden gecontroleerd op onder andere stoffen met een spierversterkende (anabole) werking en diergeneesmiddelen.

In hoge mate nageleefd

De EFSA verzamelde de resultaten en constateerde dat de veiligheidsniveaus voor residuen van diergeneesmiddelen en chemische stoffen in dieren en dierlijke producten in hoge mate worden nageleefd in de Europese Unie. Het percentage monsters dat de maximale niveaus overschreed was met 0,3 procent laag. Dit cijfer ligt binnen het bereik van 0,25 procent - 0,37 procent dat gerapporteerd is over de afgelopen tien jaar.

Antibiotica in honing

Er werd ook gekeken naar de residuen van antibiotica in dieren en dierlijke producten. In slechts 0,17 procent van de ruim 105.000 monsters werden de maximumwaarden voor residuen overschreden. In honing werden het vaakst te veel residuen van antibiotica gevonden, zo meldt de EFSA.

Deel dit bericht via:
Facebook Twitter LinkedIn Email
Door: Jasper Lentz
Mis geen artikel. Ontvang de tweewekelijkse nieuwsbrief.
E-mail: