‘Zorg voor dieren in stand houden’

De uitbraak van het coronavirus raakt ook de dierenartsen. “Dierenartsen willen de zorg voor dieren ook in deze tijd in stand houden. Dat doen ze met inachtneming van de richtlijnen van het RIVM”, vertelt John Vonk, dierenarts en voorzitter van de cluster Landbouwhuisdieren van de KNMvD.

Door Henk ten Have in vakblad Veearts

De zorg voor dieren door dierenartsen verloopt logischerwijs moeizamer door de maatregelen die gelden vanwege de uitbraak van het coronavirus Covid-19. “Daar komt bij, zeker in Brabant, dat er uitval is van dierenartsen en assistentes”, zegt John Vonk. “Het zit in het DNA van de dierenarts om dieren te helpen, en dat blijven ze tot het uiterste doen, maar als dierenartsen ziek zijn blijven ze thuis, net als iedere Nederlander.”
Het aantal bedrijfsbezoeken door landbouwhuisdierenartsen is iets afgenomen. “We vragen bedrijven van tevoren of we welkom zijn en of de veehouder ziek is; als dat laatste aan de orde is komen we niet of vragen we of de veehouder iemand anders kan regelen die aanwezig kan zijn. Soms gaan we alleen door de stal, zonder veehouder. In de varkenshouderij kan dat voor een deel. Zo proberen we het aantal contacten op het bedrijf zo minimaal mogelijk te laten zijn. We doen geen keuken­tafelgesprekken meer.”
Op de praktijken hebben de dierenartsen nog nauwelijks contact met elkaar. “De praktijken zijn allemaal vrijwel uitgestorven. Enkele assistentes zorgen nog voor de medicijnen die naar de veebedrijven moeten worden gebracht. Dat moet doorgaan, want veehouders rekenen erop dat dierenartsen hen van medicijnen blijven voorzien. Wij zijn daarvoor weer afhankelijk van onze toeleveranciers. Met hen hebben we gesprekken dat levering gegarandeerd kan blijven. Diergeneesmiddelen zijn er nog voldoende. Een deel van de medische hulpmiddelen hebben we als beroepsgroep beschikbaar gesteld aan de humane gezondheidszorg, want wij voelen natuurlijk met hen mee. Maar als wij als dierenartsen bedrijven blijven bezoeken en mensen met hun dieren voor spoedhulp naar de praktijken laten komen, moeten we onszelf ook kunnen beschermen. We kunnen­ dus niet alles weggeven.”
Het kabinet riep dierenartsenpraktijken ook op om beademingsapparatuur beschikbaar te stellen. Vonk: “Niet elk apparaat voldoet aan de specificaties, maar een heel aantal wel.” Op 25 maart bleken dierenartsen zo’n vijftig toestellen voor beademing te kunnen aanbieden.

Cruciaal beroep

De KNMvD maakt zich ook sterk, samen met onder andere Dierenbescherming, Stichting Aap en Vereniging Stads- en Kinder­boerderijen Nederland, om álle dieren­artsen (en dierverzorgers en dierenambulancepersoneel) op de lijst van cruciale beroepen te krijgen of een uitbreiding van de interpretatie van cruciale beroepen. ‘Alleen zo kan de noodzakelijke medische zorg voor miljoenen dieren tijdens de coronacrisis gegarandeerd worden’, meldde­ de beroepsorganisatie eerder in een persbericht. ‘Nu al wordt die zorg bemoeilijkt, omdat huidige regels tot veel onduidelijkheid leiden. In Europese landen­ als België, Spanje en Duitsland is dierenarts al wel aangeduid als cruciaal beroep. In Nederland hebben gesprekken met het RIVM en het ministerie van LNV vooralsnog niet tot resultaat geleid.’ De KNMvD stuurde ook de position­ paper ‘Continuering diergeneeskundige (spoed)zorg noodzakelijk tijdens Coronacrisis’ naar de Tweede Kamer.
Volgens Vonk gaat het niet zozeer om het etiket cruciaal, maar “het gaat er uiteindelijk om dat dierenartsen de medische zorg kunnen blijven bieden aan dieren die nodig is, nu en tijdens een eventuele lockdown”.
Minister Schouten liet op 14 april bij de beantwoording van schriftelijke Kamervragen weten dat dierenartsen en dierverzorgers voorlopig niet op de lijst met cruciale beroepen komen. “Om de verspreiding van COVID-19 zo veel mogelijk te kunnen beperken is het natuurlijk van groot belang dat er zo min mogelijk uitzonderingen worden gemaakt op de maatregelen. De lijst is daarom beperkt gehouden”, aldus Schouten. Zij schrijft ook: “Dat bepaalde beroepen, zoals dierverzorgers, niet expliciet op de lijst staan, doet niets af aan het grote belang van deze beroepen.”

Financiële moeilijkheden

Het aantal dierenartsenpraktijken dat in financiële problemen is gekomen door de coronacrisis was eind maart nog niet groot. Vonk: “Maar er komen minder mensen naar de praktijk. Die inkomsten heb je nu niet. In Brabant is een dierenkliniek bijna helemaal gesloten, alleen bij echte spoed bieden ze hulp.”
Dierenartsenpraktijken kunnen gebruik maken van de tijdelijke financiële regelingen die de rijksoverheid in het leven heeft geroepen voor ondernemers en werkgevers.

Deel dit bericht via:
Facebook Twitter LinkedIn Email
Door: Redactie
Mis geen artikel. Ontvang de tweewekelijkse nieuwsbrief.
E-mail: