❮ Dierziekten-ABC

Koliek

Koliek is een verzamelnaam voor buikpijn bij het paard. Er wordt onderscheid gemaakt tussen ware koliek en valse koliek. Valse koliek wordt veroorzaakt door een aandoening buiten het maag-darmkanaal om. In dit artikel hebben we het over ware koliek, veroorzaakt door problemen met het maag-darmkanaal.

Op diverse plaatsen in het maagdarmkanaal van een paard kunnen verstoppingen, krampen, ophopingen van gas of verschuivingen optreden, vaak met koliek als gevolg. Er bestaan verschillende soorten koliek bij paarden. De meest voorkomende vormen van koliek zijn krampkoliek, zandkoliek, gaskoliek en verstoppingskoliek. Koliek kan in ernst variëren van mild tot levensbedreigend. Het kan paarden van iedere leeftijd of ras treffen.

Oorzaak

Koliek kent verschillende oorzaken, bijvoorbeeld verkeerde of bedorven voeding, wormen of zand eten. Het paard kan hierdoor last krijgen van kramp, gasvorming of verstopping in de darmen waardoor buikpijn ontstaat. Soms is het moeilijk een exacte oorzaak aan te wijzen.

Vaak is snel gegroeid gras, dat weinig structuur bevat, een oorzaak van koliek. In perioden van snelle grasgroei is het dus noodzakelijk de weideduur te beperken en de paarden en pony’s op stal royaal hooi bij te voeren.

Paardenhouders hebben de minste problemen met de gezondheid van hun paarden wanneer zij de paarden gedurende de gehele weideperiode ’s nachts opstallen en dan goed hooi bijvoeren. Dan is het ook mogelijk om steeds de juiste balans te kiezen tussen het aanbod van weidegras en hooi, afhankelijk van de kwaliteit van het weidegras.

Verschijnselen

Een paard met koliek is onrustig en staat vaak te schrapen met zijn hoeven. Soms slaat hij met zijn achterbenen in de richting van zijn buik. Ook kan hij gaan liggen en rollen van de pijn. Paarden met koliek zweten vaak. Hun polsfrequentie is te hoog en de normale geluiden van de darmen zijn afwezig of afwijkend. In ernstig gevallen zijn de slijmvliezen te rood of zelfs blauwrood.

Bestrijding en preventie

Bij een lichte koliekaanval kan even rustig met het paard stappen verlichting brengen; bij veel koliekgevallen is er sprake van ophoping van gas of mest, wat door het geven van beweging kan verdwijnen.
Naast het gedrag zijn adem- en polsfrequentie, kleur van de slijmvliezen en de lichaamstemperatuur belangrijke graadmeters voor het bepalen van de ernst van de koliek. Bel bij twijfel altijd de dierenarts en let op uw eigen veiligheid: een paard met buikpijn reageert meestal anders dan dat hij normaal zou doen.

In milde gevallen van koliek zal de dierenarts vaak darmontspanners en pijnstillers toedienen. Afhankelijk van de oorzaak wordt een voeradvies gegeven en kunnen medicijnen afgegeven worden ter nabehandeling.

In ernstigere gevallen wordt aanvullend onderzoek uitgevoerd. Dat betekent vaak dat de dierenarts rectaal gaat voelen. Daarmee kan een indruk worden verkregen van de ligging en vulling van de darmen.

Bij een overvolle maag van het paard, sondeert de dierenarts het paard met een slang via neus en slokdarm naar de maag. Bij een vermoeden van obstipatie wordt de ingebrachte sonde ook gebruikt om laxeermiddelen toe te dienen zoals paraffine.

Soms adviseert de dierenarts om het paard door te sturen naar een kliniek voor verdere behandeling.

Om de kans op koliek te verkleinen, kunnen de volgende maatregelen worden genomen:

– Ontworm de paarden tijdig en gericht.

– Laat paarden met lichte koliekverschijnselen onderzoeken.

– Regelmatige gebitsverzorging.

– Beperk veranderingen in het rantsoen; voer eventuele rantsoenveranderingen langzaam in.

– Beperk de weideduur bij snelle grasgroei en voer op stal royaal hooi bij.

Deel deze pagina via:
Facebook Twitter LinkedIn Email
❮ Dierziekten-ABC

Het Dierziekten-ABC is samengesteld op basis van informatie van verschillende (internet)bronnen, waaronder de GD, NVWA, dierenartsenpraktijken,farmaceutische bedrijven en vakbladen.