❮ Dierziekten-ABC

Newcastle Disease

Newcastle Disease is een sterk besmettelijke ziekte bij vogels, welke wordt veroorzaakt door een aviair Paramyxovirus (PMV). De ernst van de ziekte is afhankelijk van de gevoeligheid van de gastheer en het ziekteverwekkend vermogen van de betrokken Paramyxostam.

Oorzaak

Verspreiding van het virus binnen een koppel verloopt via inhalatie van virus of de opname van water en/of voer dat besmet is door mest van hokgenoten. Verspreiding van een besmette koppel naar een gevoelige koppel is mogelijk via de lucht, besmette waterdruppeltjes en stofdeeltjes en via mechanische vectoren. Kleding, schoeisel van bezoekers, kratten, containers en eiertrays zijn hiervan de belangrijkste. Andere verspreidingsvectoren zijn: andere dieren, inclusief vliegen, besmet strooisel en pluimveeproducten (vlees en eieren). Verspreiding van virus vanuit een reservoir van wilde vogels is mogelijk bij direct contact tussen besmette wilde vogels en bedrijfspluimvee. Besmetting is ook mogelijk indien besmette wilde vogels zich in de directe nabijheid van de stal ophouden en de omstandigheden voor de verspreiding via de wind gunstig zijn. In dit kader zijn ook (post)duiven een potentiële besmettingsbron.

Het NCD-virus kan aanwezig zijn in bijna alle vogels, zowel gedomesticeerde als wilde vogels. Direct gevoelig voor het virus zijn kippen, kalkoenen, kwartels, duiven, struisvogels, kanaries en papagaaiachtigen. Andere vogels zijn minder gevoelig en vertonen mildere ziekteverschijnselen. Minder gevoelige vogelsoorten kunnen het virus bij zich dragen en uitscheiden zonder ziekteverschijnselen te tonen.

Verschijnselen

Een besmetting met PMV veroorzaakt immunologische reacties van de hoenderachtigen en een aantal andere vogelsoorten. Eén van de reacties is de vorming van (neutraliserende) afweerstoffen in het bloed, ofwel humorale immuniteit. De neutraliserende afweerstoffen zijn aantoonbaar met behulp van laboratoriumtesten, zoals de Haemagglutinatie Remmings Reactie (HAR). Niet alle vogelspecies zullen echter reageren met de vorming van neutraliserende afweerstoffen. Dieren met een hoge concentratie (neutraliserende) afweerstoffen zijn beschermd tegen het optreden van de ziekte. Lage concentraties kunnen de besmetting waarschijnlijk niet voorkomen, maar beschermen wel tegen ziekte en sterfte. Het is aangetoond dat dieren met lage concentraties afweerstoffen en zelfs zonder afweerstoffen toch beschermd zijn tegen de ziekte. Dit is waarschijnlijk het gevolg van het optreden van een andere immunologische bescherming (niet-humorale immuniteit) en niet gebaseerd op neutraliserende afweerstoffen in het bloed.

Symptomen die kunnen wijzen op NCD:

  • vochtophoping aan de kop;
  • diarree;
  • sterfte;
  • zenuwverschijnselen (wankele gang, verlamming, draaihals);
  • ademhalingsproblemen;
  • bij leghennen wordt verder sterke legdaling en schaalafwijkingen gezien.

De tijd tussen besmetting en de eerste verschijnselen is ongeveer vier tot vijf dagen. Veehouders zien de ziekteverschijnselen in meer of mindere mate, afhankelijk van het ziekteverwekkend vermogen van de virusstam. Bij een agressief virus kunnen dieren binnen een tot drie dagen sterven. Bij mensen kan een milde oogvliesontsteking voorkomen als gevolg van een besmetting met het NCD-virus.

Behandeling en preventie

Door het vaccineren van kippen is het mogelijk een bescherming tegen NCD op te bouwen. Voor de vaccinatie worden zowel levende PMV-1-virussen, met een lage ICPI, als geïnactiveerde virussen aangewend. Niet alle vogelsoorten reageren na vaccinatie met de aanmaak van (voldoende) afweerstoffen in het bloed, sommige vogelsoorten zullen zelfs helemaal niet reageren met de vorming van afweerstoffen. Bij hoenders zijn de effecten van verschillende vaccinaties uitgebreid onderzocht.

Deel deze pagina via:
Facebook Twitter LinkedIn Email
❮ Dierziekten-ABC

Het Dierziekten-ABC is samengesteld op basis van informatie van verschillende (internet)bronnen, waaronder de GD, NVWA, dierenartsenpraktijken,farmaceutische bedrijven en vakbladen.