Q-koorts dossier

Wat is Q-koorts?

Q-koorts is een infectieziekte die wordt veroorzaakt door de bacterie Coxiella burnettii. Melkgeiten en melkschapen zijn in Nederland de belangrijkste bron van Q-koorts. Deze dieren kunnen de ziekte overdragen op mensen (zoönose).

Wanneer ontstond de uitbraak van Q-koorts in Nederland bij mensen?

Tot 2007 raakten jaarlijks gemiddeld 15 mensen besmet met Q-koorts. In de eerste helft van 2007 was er een piek van 59 besmettingsgevallen in de provincies Gelderland en Noord-Brabant. Van deze besmettingen bevonden zich 27 in een klein gebied in het oosten van Noord-Brabant. In 2008 vond vervolgens een uitbraak plaats met meer dan 1.000 besmettingen. In 2009 werd duidelijk dat de ziekte zich over een groot deel van Nederland had verspreid, bijna 2.300 nieuwe besmettingen werden gevonden. Er zijn volgens de officiële telling tot maart 2010 tien mensen aan de chronische vorm van de ziekte overleden.

Hoe herken ik Q-koorts bij geiten of schapen?

Veel Q-koortsinfecties verlopen zonder symptomen. Klinische verschijnselen komen met name rond de geboorte aan het licht. Soms is er sprake van zieke of doodgeboren lammeren, soms van massaal verwerpen van ongeboren dieren. De optredende verschijnselen zijn, met name bij kleine herkauwers, soms zo hevig dat gesproken wordt van een ‘abortusstorm’. Ouderdieren kunnen lijden aan een ontsteking van de baarmoeder en bijbehorende verschijnselen vertonen.

Wat moet ik doen als ik Q-koorts vermoed bij mijn dieren?

Raadpleeg eerst uw dierenarts. Bij een afwijkend aantal abortussen bij geiten of schapen op uw bedrijf, moet u of uw dierenarts dit melden bij de Nederlandse Voedsel en Waren Autoriteit (NVWA). De NVWA gaat dan onderzoek doen op uw bedrijf. Onderdeel van dit onderzoek is een test op de aanwezigheid van de Q-koortsbacterie.

Wat gebeurt als de Q-koortsbacterie op mijn bedrijf is gevonden?

Als de NVWA uw bedrijf als besmet aanmerkt, krijgt u hierover een brief. Er gelden dan de volgende maatregelen:
– Uitmestverbod. Als op uw bedrijf Q-koorts is vastgesteld, moet u mest ná verwijdering uit de stal eerst 30 dagen afgedekt opslaan voordat u het mag uitrijden of afvoeren.
– Bezoekverbod. Alleen mensen die vanwege hun beroep of bedrijf langskomen, mogen in de stallen van uw bedrijf.
– Afvoerverbod: dieren mogen alleen voor slachtdoeleinden worden afgevoerd van uit bedrijf. Er gelden uitzonderingen voor lammeren jonger dan 4 weken en voor opfokdieren.
– Aanvoerverbod; tenzij de dieren zijn gevaccineerd.
– Verplichtingen tot het bijhouden van administratie met betrekking tot de mest, het bestrijden van ongedierte en de beschikbaarheid van bakken in de stal voor het verzamelen van nageboorten.

Als de bacterie niet wordt gevonden, moet ik dan toch meedoen aan het tankmelkonderzoek vanwege Q-koorts?

Ja, melkgeiten- en melkschapenhouders moeten verplicht aan het tankmelkonderzoek meedoen. Met dit onderzoek is een onderscheid mogelijk tussen met Q-koorts besmette bedrijven en Q-koortsvrije bedrijven. Het uiteindelijke doel van deze nieuwe aanpak is om nieuwe abortusgolven op de geiten- en schapenbedrijven te voorkomen.

Welke preventieve maatregelen kan ik nemen?

Vaccinatie is een belangrijke preventieve maatregel. Vaccinatie van schapen en geiten tegen Q-koorts verkleint de kans op besmetting. Alle publieksbedrijven en professionele melkschapen- en melkgeitenbedrijven (bedrijven met meer dan 50 dieren) zijn verplicht om hun schapen en geiten voor 1 augustus 2013 te vaccineren. Als u verplicht bent om uw dieren te laten vaccineren tegen

Q-koorts, moet u zelf tijdig contact opnemen met uw dierenarts om een afspraak te maken.

Ook schapen en geiten, ouder dan 3 maanden, die worden aangevoerd op een evenement, tentoonstelling of keuring moeten uiterlijk 3 weken voorafgaand tegen Q-koorts zijn gevaccineerd.

Daarnaast is het ministerie van EZ een hygiëneprotocol en overeengekomen met de Land- en Tuinbouworganisatie Nederland (LTO). Dit hygiëneprotocol geldt voor alle melkgeiten- en melkschapenhouderijen in heel Nederland, ongeacht of er Q-koorts op het bedrijf vastgesteld is of niet. Voor bedrijven die op basis van het tankmelkonderzoek Q-koortsbesmet zijn verklaard, is een deel van de maatregelen uit het hygiëneprotocol verplicht. Het hygiëneprotocol heeft betrekking op:
• algemene hygiëne
• uitmesten
• mestopslag en -vervoer
• aflammerperiode

Hoeveel bedrijven zijn er besmet met Q-koorts?

Per 1 augustus 2013 heerste er op vijftien melkgeitenbedrijven Q-koorts.
Op het hoogtepunt van de Q-koortsuitbraak in 2009-2010 waren er negentig bedrijven besmet.

Hoe wordt Q-koorts overgedragen op mensen?

Besmette dieren kunnen Q-koorts overdragen op mensen. De bacterie komt in de omgeving terecht doordat geïnfecteerde dieren (die zelf geen ziekteverschijnselen hoeven te vertonen) bacteriën uitscheiden. Dit doen zij via lichaamsvocht, zoals traanvocht, urine, slijm, speeksel, melk en vruchtwater. Vooral tijdens het kalven of lammeren komen er veel bacteriën vrij. Zeker als het gaat om een abortus.
Mensen kunnen op drie manieren besmet raken:
• Door besmette stofdeeltjes in te ademen. De stofdeeltjes kunnen zich via de lucht over grote afstanden verspreiden. Dit is de voornaamste oorzaak van besmetting bij de mens.
• Door besmette rauwe melk(-producten) of onvoldoende verhit besmet vlees te eten of drinken. Besmetting op deze manier komt zelden voor.
• Er zijn ook gevallen beschreven waarbij moeders pasgeboren kinderen infecteerden via de placenta en/of de moedermelk. Verder gaat Q-koorts niet over van mens op mens.
Q-koorts gaat niet over van mens op mens.

Wat zijn de symptomen van Q-koorts bij mensen?

Omdat een infectie met deze bacterie zich door het hele lichaam spreidt, zijn veel verschillende symptomen mogelijk. Gemiddeld beginnen de verschijnselen 2 tot 3 weken na besmetting, dit kan echter oplopen tot 6 weken. Duidelijke verschijnselen zijn een heftige hoofdpijn (in het acute begin) en een wisselend koortsverloop. Andere mogelijke symptomen zijn koude rillingen, spierpijn, zweten, verminderde eetlust, misselijkheid, braken, diarree en een relatief lage hartslag. Ook kan een droge hoest en pijn op de borst voorkomen in geval van een longontsteking. Redelijk vaak komt er bij Q-koorts een leverontsteking voor zonder symptomen. Bij een chronische infectie kunnen deze symptomen tot tien jaar na de eerste oorzakelijke infectie optreden.