Partnerbericht van Dechra

Minder zieke kalveren, meer werkplezier

In de melkveehouderij wordt het streven naar een duurzame melkveestapel steeds belangrijker. Een optimale jongveeopfok vormt de basis voor gezond, goed producerend melkvee. Het voorkomen van ziekte en de juiste voeding bij het jongvee is cruciaal om voldoende groei te kunnen realiseren.

Optimaal kalvermanagement begint al vóór de geboorte. In deze periode vindt reeds een belangrijk deel van de ontwikkeling van het kalf plaats en de droogstand is van invloed op de biestkwaliteit en hoeveelheid. Daarnaast is een goede hygiëne tijdens en na de geboorte een voorwaarde om de kans op ziekte te minimaliseren, daarom moeten de kalveren opgevangen worden in een schone en droge omgeving.

Biestperiode

Binnen een paar uur na de geboorte moeten de kalveren de eerste biest krijgen. Het is belangrijk dat minimaal 6 liter van de eerst gewonnen biest binnen 24 uur wordt gegeven, deze hoeveelheid kan worden verdeeld over 3 giften. Als het kalf niet wil drinken kan de eerste biest met de sonde worden gegeven, op deze manier kan direct, bij een normaal groot kalf, 4 liter biest worden toegediend. Deze eerste biestgift is belangrijk omdat alleen in de eerste 24 uur na de geboorte antistoffen vanuit de biest opgenomen worden in de bloedbaan.

Verstandig is om ook altijd een voorraad biest van goede kwaliteit in de vriezer te bewaren, dit voor het geval een pas gekalfde koe te weinig goede biest geeft. Het is van belang dat de biest schoon gewonnen wordt en dat het materiaal (speen, emmer, sonde) waarmee de biest gegeven wordt schoon is. Kalveren worden snel ziek van een te hoog kiemgetal in de biest. Om te voorkomen dat het kiemgetal oploopt moet de biest afgedekt bewaard worden op koelkast temperatuur. Voor toediening moet de biest langzaam worden opgewarmd, bij gebruik van de magnetron of dompelaar gaat het opwarmen te snel waardoor belangrijke voedingsstoffen en antistoffen verloren gaan.1,2

Overgang naar kunstmelk, ruw- en krachtvoer

Na een aantal dagen biest gaan de kalveren over op kunstmelk. Elk kalf houdt natuurlijk zijn eigen emmer gedurende de hele periode. Daarnaast is het aan te raden, voor de pensontwikkeling, om het kalf al vanaf de eerste week kennis te laten maken met krachtvoer en ruwvoer. De kalveren moeten tevens voortdurend de beschikking hebben over schoon fris drinkwater.3,4 Dit kan ook worden aangeboden uit een jerrycan waaruit de zijkant is weggehaald. Het voer kan zo hygiënisch worden aangeboden en besmetting met mest wordt voorkomen.

Door de kalveren tijdens de opstartperiode het beste te geven en het risico op aandoeningen te minimaliseren krijgt het dier de start die nodig is om zich te kunnen ontwikkelen tot een optimaal presterende vaars en dat niet alleen, de gezonde kalveren maakt het verzorgen ervan nog leuker!

1. Handleiding eerste biestvoorziening voor het kalf, Vetvice, ULP, 2012
2. www.gddiergezondheid.nl/biest
3. Handboek veehouderij, Animal Sciences Group, Wageningen UR, Roodbont, 2006
4. Succesvolle opfok van jongvee op het melkveebedrijf, Afdeling duurzame landbouwontwikkeling, Vlaamse overheid, 2010

Alle berichten van Dechra op Veearts.nl >>